Portret onderwijs | ‘We willen jongeren helpen een plek op de arbeidsmarkt te veroveren’

Onze regio zit boordevol (jong) talent. Toch wordt deze kweekvijver van talent niet altijd benut door bedrijven, hoewel er in verschillende sectoren volop vacatures zijn. Dat is een gemiste kans, zowel voor studenten als bedrijven, vindt Klaske Apperloo, directeur van het College Start-Up van mboRijnland. “Met het CIV Leven Lang Flex willen we rond deze doelgroep een netwerk creëren en hen helpen een duurzame positie op de arbeidsmarkt te veroveren.”

Binnen het CIV Leven Lang Flex trekken scholen, bedrijven en gemeenten/overheid samen op om mbo-studenten die extra ondersteuning nodig hebben te helpen een succesvolle start op de arbeidsmarkt te maken. Penvoerder van het project is het MBO College Start-Up van mboRijnland, dat in 2019 is ontstaan uit een samenvoeging van niveau 1- en 2-opleidingen. “We hebben toen een start gemaakt met het ontwikkelen van gepersonaliseerd onderwijs, waarbij studenten in hun eigen tempo het niveau en de richting volgen die passen bij hun mogelijkheden. Tegelijkertijd willen we onze studenten voorbereiden op een duurzame plek op de arbeidsmarkt. Het hybride leren speelt hierbij een grote rol, want deze studenten leren beter op de werkvloer dan in de klas. Zo helpen we hen om hun talenten te ontdekken en vaardigheden te leren die ze nodig hebben om werk te vinden”, vertelt Klaske Apperloo. En dat is geen overbodige luxe. Zo telt de regio zo’n 2.750 jongeren die zich in een kwetsbare positie bevinden. “Hoewel er volop vacatures zijn, is het voor hen lastig een plek op de arbeidsmarkt te vinden. De coronacrisis heeft dit alleen maar moeilijker gemaakt. Het CIV is erop gericht beter te voorzien in de arbeidsbehoefte, door onze studenten op te leiden en te begeleiden naar de vacatures die er zijn.”

‘Studenten leren niet alleen een vak, maar óók hun weg te vinden in de samenleving’
In het afgelopen studiejaar zijn zo’n 175 studenten in tien hybride trajecten aan de slag gegaan. De inzet is hen uitzicht op werk te bieden of te laten doorstromen naar een hoger studieniveau. De eerste positieve resultaten zijn al zichtbaar. “Doordat onze studenten in de praktijk leren, hebben zij het gevoel dat ze meetellen. Ze komen niet alleen iets halen, maar óók iets brengen. De studenten doen volwaardig mee en dat komt hun motivatie en zelfvertrouwen ten goede. Ook blijkt dat dat zij meer waarde hechten aan het behalen van een diploma en zich meer betrokken voelen bij hun studieloopbaan. Zo kiezen veel studenten er voor om door te stromen naar een volgend niveau, waardoor ze straks sterker staan op de arbeidsmarkt”, zegt Apperloo. “Doordat we in het CIV snel kunnen schakelen met werkgevers, gemeenten en leerwerkbedrijven kunnen we hybride werkplekken creëren die goed aansluiten op wat studenten willen bereiken. Zo leren we hen vaardigheden die ze in verschillende omgevingen kunnen toepassen en waarmee zij zich in een snel veranderende wereld staande kunnen houden. Als gevolg van digitalisering en robotisering verandert de wereld om ons heen en zullen sommige functies en beroepen verdwijnen. Dat betekent dat je jezelf voortdurend moet blijven ontwikkelen. Dat stopt niet als je eenmaal een diploma op zak hebt. Studenten leren dus méér dan alleen een vak, maar werken ook aan hun persoonlijke groei en leren hun weg te vinden in de samenleving.”

Van schoonmaker tot bedrijfsleider
De studenten worden bijgestaan door docenten en praktijkopleiders die hen hierbij als coach ondersteunen. “Wat mooi is, is dat vooral tussen studenten en praktijkopleiders vaak een bijzondere band ontstaat. Dat komt omdat de begeleiders op de werkvloer vaak in een vergelijkbare situatie hebben gezeten. Zij spreken de taal van de jongeren en kunnen als rolmodel fungeren”, zegt Apperloo. “Op deze manier maken zij jongeren er van bewust dat zij voor zichzelf op moeten komen. Zo kan ik me een ontmoeting herinneren met een student, toen we met het College van Bestuur werden rondgeleid op een opleidingsplaats. Bij de schoonmaak stond een stoere jongen vol met tattoos, die opeens één van onze bestuursleden aansprak. ‘Jij bent toch een soort directeur? Wat gebeurt er als jij een paar dagen ziek bent?’, vroeg hij. Mijn collega moest toegeven dat dit niet direct grote gevolgen zou hebben. Waarop de jongen zei: ‘Wat denk je wat er gebeurt als hier de toiletten een paar dagen niet worden schoongemaakt?’ Dit voorbeeld laat zien dat deze jongeren vaak minder kwetsbaar zijn dan we denken en dat ze trots mogen zijn op het werk dat ze doen. Ze kunnen namelijk veel bereiken. Kijk naar het opleidingsprogramma van één van onze partners, McDonald’s, waar je je in allerlei rollen kunt ontwikkelen. Als een praktijkopleider jou vertelt dat hij als schoonmaker is begonnen, maar uiteindelijk bedrijfsleider is geworden, is dat voor veel jongeren enorm inspirerend.”

Gerelateerd nieuws